‘Cash for car’-regeling goedgekeurd

07/05/2018

Op 28 februari 2018 heeft de Kamer de mobiliteitsvergoeding of de zogenaamde ‘cash for car’-regeling goedgekeurd. Voortaan kunnen werknemers hun firmawagen dus inleveren voor een vergoeding. De officiële wet verscheen in het Belgisch Staatsblad op 7 mei 2018.

De afgelopen maanden was er heel wat te doen rond de mobiliteitsvergoeding. Met dit alternatief voor de bedrijfswagen wil de regering de filevorming verminderen en de verkeersknopen ontwarren. Na kritiek van de Raad van State heeft de regering de cash for car-regeling op een aantal kleinere punten aangepast. Dit aangepaste ontwerp keurde de Kamer nu goed.

Mobiliteitsvergoeding

Werkgevers kunnen voortaan beslissen dat hun werknemers hun bedrijfswagen kunnen inleveren voor een extra bedrag in cash. Het is uiteindelijk aan de werknemer om te beslissen of hij hier al dan niet voor opteert.

Enkel werkgevers die binnen hun onderneming minstens 3 jaar met bedrijfswagens werken voor hun werknemers, kunnen aanspraak maken op het mobiliteitssysteem. Voor bedrijven die nog niet zo lang bestaan, geldt wel een uitzondering: zij kunnen het systeem meteen invoeren op voorwaarde dat ze op dat ogenblik één of meerdere bedrijfswagens ter beschikking stellen.

Bovendien komt een werknemer pas in aanmerking als hij de voorbije 3 jaar minstens 12 maanden ononderbroken over een bedrijfswagen beschikte. Daarvan moeten minstens 3 maanden ononderbroken zijn, voorafgaand aan de aanvraag van het mobiliteitsbudget. De periode van 3 jaar is enkel niet van toepassing wanneer de huidige werkgever nog geen 3 jaar actief is.

Wanneer een werknemer verandert van werkgever mag hij zijn aantal maanden verder aanvullen bij zijn nieuwe werkgever. Wie al gebruik maakte van een mobiliteitsvergoeding bij zijn voormalige werkgever kan dit eveneens op zijn nieuwe job verderzetten.

Hoeveel cash krijgt een werknemer in ruil?

Welke cashvergoeding een werkgever kan krijgen, is afhankelijk van de bedrijfswagen die hij inruilt. Er bestaat wel een standaardformule waarmee het mobiliteitsbudget op jaarbasis berekend wordt: cataloguswaarde x 6/7 x 20%.

Als werknemers een eigen bijdrage betaalden om de bedrijfswagen te gebruiken, moet dit bedrag afgetrokken worden van de cataloguswaarde. Als de werknemer een tankkaart had, wordt het percentage opgetrokken tot 24%.

De mobiliteitsvergoeding ligt vast voor de verdere loopbaan en kan bijgevolg niet aangepast worden in het geval van bijvoorbeeld een promotie. De vergoeding zal wel jaarlijks geïndexeerd worden.

Statuut mobiliteitsvergoeding

De nieuwe mobiliteitsvergoeding krijgt hetzelfde (para)fiscaal statuut als de bedrijfswagen die ingeruild wordt. De gewone RSZ-bijdragen gelden dus niet voor dit bedrag, al betaalt de werkgever wel een solidariteitsbijdrage. De mobiliteitsvergoeding wordt fiscaal beschouwd als een voordeel alle aard en is gelijk aan 4% van 6/7 van de cataloguswaarde van de bedrijfswagen op het moment van inlevering. De eventuele persoonlijke bijdrage van de werknemer wordt wel in mindering gebracht van het belastbaar voordeel.

Inwerkingtreding

De officiële wet verscheen in het Belgisch Staatsblad op 7 mei 2018.

Sitemap