Een toeslag op de kinderbijslag: jaarlijkse verzending vragenlijst (P19)

Jaarlijks verstuurt ADMB Kinderbijslagfonds de zogenaamde ‘vragenlijsten P19’ naar alle gezinnen die van ons een toeslag op hun kinderbijslag ontvangen of hiervoor in aanmerking komen op basis van hun gezins- of beroepssituatie. Vooral eenoudergezinnen, gepensioneerden, langdurig werklozen en arbeidsongeschikten vonden onlangs zo’n formulier in hun bus.

De gezinnen die deze toeslag al ontvangen, moeten dit formulier ingevuld terugsturen om aan te tonen dat de toeslag terecht wordt uitbetaald.
De gezinnen die deze toeslag (nog) niet ontvangen, kunnen dit formulier invullen indien ze denken dat ze hiervoor in aanmerking komen.

Wanneer heeft u recht op deze toeslag? Het antwoord op deze en andere veelgestelde vragen leest u hieronder.
U kan bovendien steeds uw persoonlijke situatie simuleren via onze berekeningstool.


Wie kan een toeslag op de kinderbijslag krijgen?

  • De alleenstaande ouder
  • Wie langer dan zes maanden werkloosheidsuitkeringen ontvangt, bruggepensioneerd of ziek is
  • Wie gepensioneerd, invalide of gehandicapt is
  • Wie na meer dan zes maanden ziekte of werkloosheid opnieuw begint te werken (voor een periode van maximum 2 jaar)
  • Wie vroeger de gewaarborgde gezinsbijslag ontving maar overschakelde naar de werknemersregeling (voor een periode van maximum 2 jaar)


Voor welke kinderen kunnen wij de toeslag betalen?

  • De kinderen in uw gezin
  • De (stief)kinderen die bij hun andere (stief)ouder wonen
  • De kinderen die in een instelling geplaatst zijn (onder bepaalde voorwaarden)

Kinderen die alleen wonen kunnen dus geen toeslag krijgen!


Hoe hoog mag mijn gezinsinkomen zijn?

De toeslag kan maar betaald worden als het gezinsinkomen een bepaald grensbedrag niet overschrijdt. De bedragen zijn afhankelijk van uw  gezinssituatie:

  • U woont samen met uw echtgenoot/partner en de kinderen: de gezamenlijke inkomsten mogen niet hoger zijn dan € 2.217,20 bruto per maand (bedrag van toepassing vanaf 1/5/2011).
  • U woont alleen met de kinderen: uw beroepsinkomsten mogen niet hoger zijn dan € 2.144,07 bruto per maand (bedrag van toepassing vanaf 1/5/2011).


Wiens inkomsten tellen mee?

Uw eigen inkomsten en die van uw echtgeno(o)t(e), uw partner of de persoon met wie u een feitelijk gezin vormt. Volgens de kinderbijslagwetgeving vormen personen een feitelijk gezin als ze:

  • samenwonen op hetzelfde adres,
  • geen bloed- of aanverwanten zijn van elkaar tot en met de derde graad (dus geen ouders, kinderen, broers, zussen, grootouders, ooms, tantes),
  • EN verklaren samen hun huishouden te regelen en daartoe elk financieel of op een andere manier bijdragen.


Welke inkomsten tellen mee?

Onder andere volgende inkomsten tellen mee:   

  • Lonen
  • Inkomsten als zelfstandige
  • Uitkeringen van de werkloosheid, van de ziekteverzekering
  • Uitkeringen voor arbeidsongevallen, beroepsziekten, gehandicapten
  • Leefloon


Onder andere deze inkomsten tellen niet mee:

  • Kinderbijslag
  • Alimentatie
  • Tegemoetkomingen voor hulp aan derden
  • Onkostenvergoedingen voor onthaalouders, betaald door Kind & Gezin
  • Forfaitaire vergoedingen voor de voogdij over niet-begeleide minderjarigen

Voor vrijwilligers geldt een speciale regeling.


U heeft het formulier P19 niet ontvangen, maar denkt wel aan de voorwaarden te voldoen?
Download het formulier onderaan. Vergeet zeker niet uw dossiernummer en/of rijksregisternummer te vermelden.

Heeft u nog een vraag?
Contacteer dan ADMB Kinderbijslagfonds.