Brugpensioen - “werkloosheid met bedrijfstoeslag” - anno 2012

De nieuwe regering is een besparingsregering en wil zoveel mogelijk mensen aan het werk zetten en houden. Om die reden is er voor gekozen om met ingang vanaf 1/1/2012 het brugpensioenstelsel danig te verstrengen.

Conventioneel brugpensioen – nieuwe naam en optrekking leeftijds- en anciënniteitsvoorwaarden

In eerste instantie houdt de benaming brugpensioen vanaf 1/1/12  op te bestaan en wordt deze vervangen door “werkloosheid met bedrijfstoeslag”.

Daarnaast worden ook de leeftijds- en de anciënniteitsvoorwaarden opgetrokken voor brugpensioen op 60 jaar en op 58 jaar (inclusief zware beroepen). Er moet telkens een onderscheid gemaakt worden tussen reeds bestaande en de lopende CAO’s enerzijds en de nieuw afgesloten CAO’s of collectieve akkoorden anderzijds.

1.    Nieuw afgesloten CAO’s of collectieve akkoorden vanaf 1/1/2012

Voor sectorale en ondernemings-CAO’s afgesloten na 31/12/2011 moet rekening gehouden worden met een leeftijd van 60 jaar en een minimumloopbaan van 40 jaar voor mannen. Voor vrouwen varieert deze minimumloopbaan naargelang de regeling, maar wordt finaal ook 40 jaar in 2015.

Conventioneel brugpensioen op 60 jaar
Jaartal          anc. mannen    anc. vrouwen
2012                 40                      35   
2014                 40                      38   
2015                 40                      40   

Conventioneel brugpensioen op 60 jaar (zwaar beroep)
Jaartal          anc. mannen    anc. vrouwen   
2012                 40                      35       
2014                 40                      37       
2015                 40                      40       

2.    Bestaande en lopende CAO’s

Voor de sectorale en de ondernemings-CAO’s voor zware beroepen en voor de NAR-CAO’s die ofwel gesloten en neergelegd zijn vóór 1/1/12 ofwel gesloten na 31/12/11, maar een ononderbroken verlenging uitmaken van een CAO of collectief akkoord gesloten en neergelegd vóór 1/1/12, wijzigt er nog niets. Voor deze regelingen zijn de echte wijzigingen pas voor 2015 voorzien.

Echter voor de sectorale en de ondernemings-CAO’s die ofwel gesloten en neergelegd zijn vóór 1/1/12 ofwel gesloten na 31/12/11, maar een ononderbroken verlenging uitmaken van een CAO of collectief akkoord gesloten en neergelegd vóór 1/1/12, zal de minimale beroepsvereiste voor vrouwen in 2014 opgetrokken worden tot 38 jaar, zodat mannen en vrouwen dan evenveel loopbaanjaren moeten bewijzen om op 58 jaar op conventioneel brugpensioen te kunnen gaan.

Dat betekent dat de situatie van de algemene stelsels er tussen 01.01.2012 en 31.12.2014 als volgt uitziet:

Minimum-leeftijdCAO's gesloten en neergelegd
vóór 01.01.2012 of na deze datum verlengd
Vereist minimum beroepsverledenVereist minimum beroepsverledenVereist minimum beroepsverleden

201220132014
60 jaarCAO nr. 17 (van toepassing in alle ondernemingen van de privésector)M : 35 jaarM : 35 jaarM : 35 jaar

V : 28 jaar
V : 28 jaar
V : 28 jaar
58 jaarSectorale of ondernemings-CAOV : 38 jaarV : 38 jaarV : 38 jaar
V : 35 jaar
V : 35 jaar
V : 38 jaar
58 jaarSectorale of ondernemings-CAO35 jaar waaronder een aantal jaren in een zwaar beroep35 jaar waaronder een aantal jaren in een zwaar beroep35 jaar waaronder een aantal jaren in een zwaar beroep


Pas vanaf 1/1/15 zullen de grote wijzigingen worden doorgevoerd:

-    Mannelijke werknemers zullen in elk stelsel een leeftijd van 60 jaar moeten aantonen met 40 jaar beroepsloopbaan;
-    Vrouwelijke werknemers zullen ook 60 jaar moeten zijn, maar de loopbaanvereiste verschilt naargelang het stelsel waartoe ze behoren:
1.    Op basis van de NAR-CAO moet op 1/1/15 31 jaar loopbaan aangetoond worden, dit wordt jaarlijks met 1 jaar opgetrokken tot 40 jaar vanaf 1/1/24;
2.    Op basis van het gewoon conventioneel brugpensioen moet op 1/1/15 nog steeds 38 jaar loopbaan aangetoond worden, dit wordt jaarlijks met 1 jaar opgetrokken tot 40 jaar vanaf 1/1/17;
3.    Voor de zware beroepen moet op 1/1/15 38 jaar loopbaan aangetoond worden, dit wordt jaarlijks met 1 jaar opgetrokken tot 40 jaar vanaf 1/1/17.

Dat betekent dat de situatie van de algemene stelsels er vanaf 2015 als volgt uitziet:

Minimum-leeftijdCAO's gesloten en neergelegd vóór 01.01.2012 of na deze datum verlengdVereist minimum beroepsverledenVereist minimum beroepsverledenVereist minimum beroepsverleden
201520162017
60 jaarCAO nr. 17 (van toepassing in alle ondernemingen van de privésector)M : 40 jaarM : 40 jaarM : 40 jaar

V : 31 jaar
V : 32 jaar
V : 33 jaar (pas 40 jaar in 2024)
60 jaarSectorale of ondernemings-CAOM : 40 jaarM : 40 jaarM : 40 jaar
V : 38 jaar
V : 39 jaar
V : 40 jaar
60 jaarSectorale of ondernemings-CAO (zwaar beroep)M : 40 jaarM : 40 jaarM : 40 jaar
V : 38 jaar
V : 39 jaar
V : 40 jaar

Voor ondernemingen in moeilijkheden wordt de leeftijd  vanaf 1/1/12 opgetrokken van 50 tot 52 jaar voor zover de begindatum van de erkenningsperiode na 31/12/11 gelegen is. Vanaf dan wordt jaarlijks de leeftijd met een half jaar opgetrokken tot 55 jaar in 2018.

Voor ondernemingen in herstructurering wordt de leeftijd vanaf 1/1/13 opgetrokken van 50 tot 55 jaar voor zover de begindatum van de erkenningsperiode na 31/12/12 gelegen is.
De leeftijd wordt vanaf 1/1/13 opgetrokken tot 52,5 jaar om daarna jaarlijks met een half jaar opgetrokken te worden tot 55 jaar in 2018, mits vervulling van een aantal voorwaarden:
-    collectief ontslag aangekondigd dat betrekking heeft op minstens 20% van de werknemers van de werkgever;
-    het collectief ontslag betreft ofwel alle werknemers van een technische bedrijfseenheid ofwel alle werknemers van een volledige activiteitensegment;
-    de technische bedrijfseenheid of het volledige activiteitensegment moet op de dag van de aankondiging van het collectief ontslag al minstens 2 jaar bestaan.

Regeling                               minimum leeftijd    minimum beroepsloopbaan
CAO voor onderneming in
moeilijkheden of
herstructurering                    52 tot 55 jaar (1)    20 jaar of 10 jaar in de sector

(1) 50 jaar is mogelijk mits specifieke voorwaarde voor de ondernemingen in herstructurering voor zover de begindatum van de periode van erkenning gelegen is vóór 01.01.2013

Afschaffing halftijds brugpensioen

Vanaf 1/1/12 kan geen enkele werknemer nog gebruik maken van halftijds brugpensioen, behalve 2 groepen werknemers:

-    werknemers die reeds vóór 1/1/12 in het stelsel van halftijds brugpensioen zitten, kunnen het stelsel verderzetten;
-    werknemers die vóór 28/11/11 een akkoord gesloten hebben met hun werkgever om hun arbeidsprestaties te halveren en die het halftijds brugpensioen hebben gestart vóór 1/4/12, kunnen het stelsel nog aanvatten.

Geen herwaardering op 1/1/2012

De aanvullende vergoeding voorzien in de CAO's nr 17 van 19/12/74 (voltijds brugpensioen) en nr 55 van 13/7/93 (halftijds brugpensioen) wordt eenmalig bepaald op het ogenblik waarop het recht op vergoeding ingaat.

Daarna kan deze nog slechts aangepast worden door :

  • een indexatie cfr sociale uitkeringen (laatst geïndexeerd op 1/5/11)  (1)
  • een eventuele jaarlijkse herwaardering door de Nationale Arbeidsraad (NAR).

(1) Uitgezonderd in die PC’s die een afwijkend indexatiesysteem voorzien hebben.

Op 20/12/11 werd binnen de NAR beslist dat een aanpassing op 1/1/12 niet opportuun  is, gezien de loonontwikkeling.

Bron:
Wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen;
KB van 28 december 2011 tot opheffing van het koninklijk besluit van 30 juli 1994 betreffende het halftijds brugpensioen;
KB van 28 december 2011 tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het conventioneel brugpensioen in het kader van het generatiepact, met het oog op het verhogen van de werkgelegenheidsgraad van de oudere werknemers.

Contacteer ADMB.